Ons Zijn
Ons ZijnĀ
Waarop zouden we ons kunnen beroemen meer dan anderen te zijn?Dat beetje meer kunnen, dat beetje meer voelen, dat beetje meer durven, dat beetje meer hebben boven anderen is zeker niet ons eigen verdienste, maar door een Hogere Hand ons geschonken gave in de vorm van een beetje meer geduld, ijver, of een beetje meer zelf-dicipline, of een beetje meer intelligentie, of een beetje meer talent voor sport, of kunst, of wetenschap, of een groter susceptibiliteit en beter begrip voor liefde, voor schoonheid, of een kleiner āhongerā naar āverboden vruchtenā of een kleiner zwak voor ā¦Ā
Zelfs de betere omstandigheden zijn ons geschonken zoals welgestelde ouders, te leven in een welvarend land niet in oorlogstijd, een goed milieu ā¦Ā
En met het vele minder dat hij heeft is hij toch gelukkig, al is het maar een krekel te zijn en geen nachtegaal.En beide dragen ze een zelfde loflied op; de nachtegaal in de bekoorlijkste vreugde melodieen; de krekel in armzalig,, eentonig vreugde gesjirp.Ā
De krekel en vele insecten hebben geen ogen, geen oren, geen neus. Met hun voelhoorns āzienā en āhorenā en āvoelenā en āruikenā ze even goed en zijn niet ongelukkig. De worm heeft zelfs geen voelhoorns en is bovendien helemaal ānaaktā.Ā
Ā
