Dromerij Op Oudere Leeftijd

 Dromerij Op Oudere Leeftijd  

Ik heb mijn best gedaan goed voor mijn tanden te zorgen maar toch gaan ze langzaam maar zeker achteruit. Ik verloor ze een voor een en ze kunnen zich niet vernieuwen zoals melk-tanden. Hoe dan ook ben ik hen toch erg dankbaar voor hun zo goede diensten gedurende meer dan een halve eeuw. Zou ik de nog overgebleven tanden laten uittrekken en ze vervangen met een mooi vals gebit terwille van een goed voorkomen? 

En wat, wanneer men tandeloos is? Een blinde kan niet zien, maar toch kan hij “zien” met zijn tast, gehoor. Hawking heeft zijn vermogen verloren om te spreken en te lopen. Zijn geest is steeds scherp, hij  doceert, geeft lezingen en schrijft wetenschappelijke boeken. Invaliden zijn gehandicapt maar toch weten ze zich in stand te houden. Waarom zou ik bezorgd zijn? 

Zijn we niet voorzien, begenadigd met zovele kunnen en wat, hoe veel  ik nu ook verloren heb is maar zo klein met wat ik nog heb? Zo zei ik tegen Pak Arif. 

Ja, dat is zo, zei hij. Velen  beseffen niet het bijzondere vermogen van onze zintuigen en lichaam tot, wanneer wij ze op een dag verliezen. 

We moeten ook dankbaar zijn voor onze ogen, oren, tong, neus, tast, om de wereld te kennen, om te weten, wat is groot, wat is klein, wat is rond, wat  is luid, wat is zacht, wat is zoet, zuur, bitter, wat is geurig, stinkend, fijn, grof en oneindig veel meer. 

Nog niet gezegd, gesproken van onze handen, vingers, voeten, benen. Wat ze niet al zo kunnen. De kampioenen springen boven 2,30 M hoog, meer dan 8.00 M ver, rennen de 100 M beneden de 10 seconden, denk aan de virtuozen die muziek instrumenten bespelen. Verder, om te klimmen, te zwemmen, te werken, spelen, dansen, o, zo veel. Zijn we niet begaafd met sublieme hersens? En dan hebben we de geslachts-organen om het menselijk geslacht voort te zetten.  

En daarnaast  is nog de geest, ons hart, om goed en kwaad te onderscheiden, mooi en lelijk, maar niemand weet waar ze precies liggen. 

Wat ons is geschonken is zo veel, niet in geld uit te drukken.  En wat ze doen is ongelovelijk. Iedere dag doen ze hun functies zolang wij leven.

Bovendien hebben ze voor ons de heerlijkste verrassingen in petto. Hebben mijn ogen niet de mooiste boeken gelezen, de mooiste landschappen, filmen, toneelstukken gezien? Mijn oren hebben de heerlijkste, mooiste muziek, de heerlijkste geluiden, klanken in de natuur gehoord, mijn mond de heerlijkste gerechten gesmaakt, de heerlijkste dranken gedronken, mijn neus de heerlijkste geuren geroken, mijn hart de vreugde van liefhebben en wederzijds geliefd te zijn gekend. Hoe verrukkelijk was het te wedijveren – niet in het elkaar in de hoek drukken, drijven, pijn doen, in tegendeel – maar wedijveren in edelmoedigheid, in het opofferen voor elkaar en zelfs er over te twisten. Zo sprak Pak Arif.  

Hij zweeg en vervolgde:  

In gedachten zag ik het leven zonder zicht. Eeuwig nacht, wat is er te zien. Zonder gehoor, Eeuwig stil. Zonder handen, zonder voeten, benen, zonder hersens en alle andere “zonders”, eeuwig somber, droog, smakeloos, machteloos, geen herrinnering, … Al leefden we in een paradijs. 

En nog is er zo iets groots als geboorte, leven en dood. Ik kan me niet voorstellen, niet vatten wat voor een soort, groot Artist of Creator het moet zijn om zo’n machtig universum en een zo’n superbe wezen te creeren zonder enige moeite gedurende millioenen eeuwen.  

Pak Arif klapte en kreet in verrukking. Ik schrok en  ontwaakte, dankbaar, uit mijn reverie.  

Epiloog 

Na dit gelezen te hebben glimlachte si upik en zei: 

Natuurlijk behoren we dankbaar te zijn voor onze zintuigen en lichaam. Echter, wat is er te zien wanneer er geen licht was. Geen sterren te zien wanneer er geen nacht was. Het zou doods zijn wanneer er geen ziel, geen beweging van rond gaande, roterende planeten, zeilende wolken, stromend water, geen leven van wuivende bomen, bloemen, van kruipend, vliegend, kloppend leven waren, somber, triest, waren er geen vormen, kleuren en geuren. Wat geeft het wanneer men ogen, oren, een neus, een tong, een mond, hersens, een stem, een hand, een vinger heeft, maar er is geen zon, geen aarde, geen paradijs om er  in te leven? Ha, ha, ha, lachte si upik. 

 Zeker dacht ik bij mezelf. Wij behoren ook dankbaar te zijn dat ook dit ons geschonken is. Ja, zo is si upik.  Zij is er altijd op uit om mij schaak te zetten en mij tot verliezer te maken. 

Uit Suara Karya, 14 December 1996

Berita Buana, 24 Februari 1997 

Pak Arif’s commentaar 

Wanneer je  nooit eerder geweten, gezien had wat een levend wezen, een mens is, zou je ooit zo iets kunnen indenken, uitvinden, wanneer je nooit geweten had dat er zoiets als ruimte, tijd, materie, geboorte, leven en dood bestond en het scheppen?

Leave a Comment

Required

Required, hidden



Some HTML allowed:
<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <pre> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

Trackback this post  |  Subscribe to comments via RSS Feed

Pages

Categories

Links

Meta

Calendar

December 2009
M T W T F S S
« Nov    
 123456
78910111213
14151617181920
21222324252627
28293031  

Most Recent Posts